Capriccio II

De opera Capriccio van Richard Strauss draait eigenlijk om de vraag welke van de kunsten de hoogste is; muziek of poëzie. Het vertelt het dramatische verhaal van een vrouw die verliefd is op twee mannen, op  een componist en op een dichter. Ze kan niet tussen hen kiezen.

In de tentoonstelling Capriccio in Galerie van Kranendonk wordt de toeschouwer bloot gesteld aan de vraag: beeld of muziek? Er doen tien kunstenaars mee. Elke kunstenaar heeft bij een eigen werk een muziekstuk gekozen. Als bezoeker bekijk je de tentoonstelling terwijl je via een hoofdtelefoon en een MP3 luistert naar de gekozen muziek. De luistertijd bepaalt je kijktijd.
Dit idee is van kunstenaar Pim Voorneman en hij koos de deelnemende kunstenaars in samenspraak met galeriehouder Jurriaan van Kranendonk. Het levert een hele mooie keuze op. De kunstwerken krijgen alle ruimte, of moet ik zeggen het kijken krijgt alle ruimte. Want terwijl je luistert kan je je goed concentreren op dat ene specifieke kunstwerk aan de muur zonder visuele ruis.

De kunstenaars kregen van Voorneman als voorwaarde mee dat het muziekstuk dat ze kozen niet langer dan 6 minuten mocht zijn. Voor mij persoonlijk geldt dat dan de ideale kijktijd nogal overschreden wordt. Langer kijken terwijl je luistert werkte bij mij uitstekend, tot een minuut of twee. Dan was het kijken en tegelijkertijd luisteren wel voltooid. Bij andere bezoekers zag ik dat ook, het hele muziekstuk beluisteren -zeker als dat zes minuten duurt –  is wat veel gevraagd. Aan de andere kant, ik heb veel en veel langer naar een kunstwerk gekeken dan ik normaal doe. En, logischerwijze, de kunstwerken beter gezien en daardoor beter onthouden. Ik neem mezelf nu voor dat ik voortaan langer moet blijven kijken. Het loont.

Een andere voorwaarde die Voorneman aan de kunstenaars meegaf was dat het werk dat ze tentoonstelden in Capriccio geen bewegend beeld mocht bevatten. Op het eerste oog lijkt iedereen zich daar keurig aan gehouden te hebben, maar omdat ik conform het concept van de tentoonstelling lang naar de kunstwerken keek, ontdekte ik toch in twee werken beweging.
Het schilderij van Roland Schimmel beweegt, althans zo lijkt het. Als je je concentreert beginnen de zwarte cirkels te bewegen en de gekleurde aura’s om de cirkels heen ook. Volgens mij omdat mijn ogen aan mijn brein probeerden te communiceren waar ik naar keek en dat bleek nogal lastig. Zijn muziekkeuze is ‘Duoon’ uit 2002 van Alva Noto en Ryuichi Sakamoto. En dat past er heel mooi bij.

Maar ook het werk van Pim Voorneman zelf  ”As straight as a die” beweegt. Echter ook hier is het suggestie. Voorneman maakte een beeld dat oogt als een flatscreen. Alsof de televisie uitstaat. Je kijkt naar een spiegelend beeldscherm waarop je jezelf met koptelefoon en al ziet staan. En de andere bezoekers reflecteren erin evenals een deel van de tentoonstelling. Als je dit werk bekijkt hoor je een muziekstuk uit 1582 van Orlande de Lassus ‘Justorum Animae’.
De muziek gaat over het leiden van een rechtvaardig en eerlijk leven, een typisch Renaissance thema, en als je zo’n leven nastreeft hoef je niet bang te zijn voor de dood. Je zal eeuwige rust vinden.
Terwijl je kijkt gaan de muziek en het werk een verbinding aan, ook als er dus vele eeuwen tussen componeren en het maken van het kunstwerk zit.

As straight as a die (2013) – Pim Voorneman

Voorneman is trouwens de enige die voor dit muziekstuk een kunstwerk maakte, de overige kunstenaars kozen een muziekstuk bij een werk.
Beeld en muziek werkte in sommige gevallen uitstekend maar ik vond de combinatie niet overal even geslaagd. De keuze van kunstenaar Rachel Bacon, ‘Cracking up’ van Nick Lowe, gaf absoluut iets extra’s aan het werk. De keuze van Henri Jacob voor Frank Zappa’s ‘Peaches and Regalia’ deed me dan weer niks. Begreep ik niet, of althans in mijn hoofd kwam er geen verbinding tot stand.

Capriccio gaat over de relatie tussen twee zintuigen, het oor en het oog. Muziek en beeld zijn aan elkaar verwant, ritme speelt in beide een belangrijke rol bijvoorbeeld. Er is ook verwantschap met taal, een van de strijdende kunsten in de opera, denk maar aan een woord als klankkleur.

Op 1 maart a.s. is de finissage van deze tentoonstelling met een heuse Muziksalon. Als je nu als bezoeker binnenkomt is er eerst het beeld, de muziek komt erbij. Tijdens de finissage is dat andersom. De galerie wordt een salon met stoelen en al, het draait die middag om de muziek en de kunstwerken vormen de omgeving. Kunsthistoricus Michael van Hoogenhuyze vertelt tijdens de finissage over de relatie muziek en beeldende kunst en speelt zelf accordeon.

Mijn advies: ga of naar de tentoonstelling of naar de finissage en beslis daarna. Beeld of muziek?

 

Deelnemende kunstenaars:

Minnie Weisz (UK)
Roland Schimmel
Natascha Libbert
Rachel Bacon (VS)
Andrea Freckmann (D)
Jos van Merendonk
Nicolas Wilmouth (FR)
Henri Jacobs
Pim Voorneman


Finissage: 1 maart 2014 van 17.00 – 19.00 uur

Foto’s: Pim Voorneman