< Terug

Stroom in stukjes

Menig initiatief zat afgelopen woensdag met knikkende kniëen achter de computer, want om 11.15 zou het advies van de commissie Meer-jaren-subsidies in de mailbox arriveren.

Voorafgaand aan de bekendmaking van het advies steeg de spanning en de speculatie was niet van de lucht.

1646

Grote vraag was wat de commissie zou doen met de zogenaamde kleine initiatieven.

Ondanks het succesvolle kunstklimaat in Den Haag, dat grotendeels wordt toegeschreven aan deze organisaties, werd er voorheen  slechts een kleine pot geld voor gereserveerd..

..die door Galerie West, TAG en 1646 werd leeggevist.

Inmiddels stonden er echter meer organisaties voor de deur die ook graag mee wilden dingen.

Uiteindelijk bleek het mee te vallen. Ondanks een negatief advies voor TAG werd er meer geld gereserveerd voor deze groep beeldende kunstinstellingen en werd de waarde van de Haagse initiatievenwereld nadrukkelijk gewaardeerd:

“De Commissie constateert met veel genoegen dat het goed gaat met de beeldende kunst in Den Haag. In landelijke dagbladen en kunsttijdschriften staan met enige regelmaat positieve verhalen te lezen over West, GEMAK, Nest, Liefhertje en de Grote Witte Reus en enkele andere nieuwe initiatieven, die ieder op hun eigen wijze een plaats in de nationale kunstscene hebben ingenomen.

De Commissie onderschrijft het belang van kunstenaarsinitiatieven in Den Haag en adviseert het College deze te ondersteunen.”

Tag aan de Stille Veerkade

Ongetwijfeld zullen er in het spiksplinternieuwe pand van TAG op de stille veerkade geen vreugdekreten hebben geklonken, maar de opluchting bij de andere organisaties was groot.

Todat  een uurtje later het volledige advies werd opgestuurd met op pagina 209 het advies over Stroom:

“Als presentatie-instelling vindt de Commissie Stroom te weinig naar buiten gericht en te weinig toegankelijk. Stroom is agenderend, maar blijft erg theoretisch. De Commissie ziet geen overtuigende plannen om een breder en nieuw publiek te vinden en aan zich te binden.
Projecten als Foodprint die bedoeld zijn om in te gaan op de maatschappelijke relevantie van kunst en architectuur, zijn op zichzelf interessant en kennen een groter publieksbereik, maar zijn in de ogen van de Commissie te lang uitgesponnen.”

en na wat lovende woorden:

“Ondanks deze lovende woorden heeft de Commissie bezwaar tegen de dubbelrol die Stroom op dit ogenblik vervult. Stroom is een voorwaardenscheppende organisatie, maar daarnaast ook zelf producent van tentoonstellingen en projecten. In de ogen van de Commissie kan dit spanningen opleveren en in ieder geval leiden tot een schijn van belangenverstrengeling. De Commissie adviseert daarom de functie van doorgeefluik van subsidies en het bijbehorende budget (€ 600.000) niet meer bij Stroom onder te brengen, maar bij een onafhankelijke organisatie.”

Arno van Roosmalen bij zijn aantreden in 2005

Stroomdirecteur Arno van Roosmalen heeft zich sinds zijn aantreden sterk ingespannen voor de ondersteuning van de initiatievenwereld en mag dus wel wat credit opeisen als het gaat om de succesvolle kunstwereld van Den Haag.

Menig initiatief buiten Den Haag had ook graag een Stroom in de eigen stad gehad.

Het lijkt er nu op dat de inspanning van Stroom ten koste gaat van de eigen positie.

Het subsidieloket, één van de peilers onder het bestaansrecht van Stroom, wordt nu advieselijk weggetrokken.

Uw nederige reporter deelde ook niet altijd het oordeel van de commissie van Stroom, maar het staat buiten kijf dat de kleine initiatieven mede dankzij dit loket hebben kunnen uitgroeien tot plekken van lokaal en bovenlokaal belang.

Het bevreemdt verder dat de initiatieven geroemd worden om de persaandacht die ze hebben weten te genereren, terwijl Foodprint alleen kritiek ten deel valt.

Lokaal werd er inderdaad wel wat gemord over dat eindeloze project, maar het bleek in de praktijk juist nationaal aan te slaan en er werd, mede dankzij veel publicaties in allerhande bladen zonder duidelijke kunstdoelgroep, een nieuw publiek bereikt,.

Foodprint komt morgen ten einde en dan zijn we op zich ook wel klaar met de politiek correcte voedselbeleving binnen de kunsten.

Het laatste hoofdstuk ‘Food Forward’ kan echter ontegenzeggelijk een goed ontvangen presentatie genoemd worden, met veel aandacht in alle grote kranten en tijdschriften.

Daar kan de persaandacht van de kleine initiatieven toch niet tegenop.

In Rotterdam bestiert het CBK naast de vele taken die Stroom in Den Haag heeft ook de plaatselijke kunstuitleen en twee tentoonstellingsruimtes.

De eigen ruimte van het CBK wordt ingezet voor laagdrempelige, voornamelijk lokale presentaties..

..terwijl Tent een bijzonder prettig onafhankelijk programma draait onder de trappen en hoge drempel van kunsttempel Witte de With.

Misschien ligt een oplossing voor de positie van Stroom ook wel in een meer losse positie van de tentoonstellingsruimte, naar het voorbeeld van Tent.

Het subsidieloket wegtrekken lijkt echter, zoals Arno van Roosmalen in een reactie in Den Haag Centraal al aangeeft, Den Haag met een probleem op te zadelen.

Een nieuwe organisatie oprichten ligt niet voor de hand in een tijd dat organisaties worden opgeroepen zo veel mogelijk samen te werken en te fuseren om kosten te besparen.

Arno van Roosmalen neemt morgen met een rondleiding afscheid van Foodprint en kan zich dan gaan storten op een lobby voor het lijfsbehoud van Stroom.

De fris jonge en energieke Haagse kunstwereld leeft ongetwijfeld zeer betrokken mee, want die weet wel aan wie ze het eigen bestaansrecht mede te danken heeft.

Voor de liefhebbers die graag het volledig advies willen inzien; er is een link.

  1. Eelco, dank voor dit mooie overzicht! En voor je hartverwarmende woorden.

    Stroom heeft inderdaad in de afgelopen jaren haar voorwaardenscheppend beleid ontwikkeld tot een, naar onze mening, samenhangend en actueel geheel.
    Atelierbezoeken door internationale curatoren kunnen niet los gezien worden van bijvoorbeeld de Invest subsidie; het tijdschrift DH/// (in september verschijnt de derde editie) beoogt versterkte zichtbaarheid, net als de SPOT subsidies; studiereizen vergroten het rendement van programmasubsidies voor initiatieven; enz.
    De suggestie dat de subsidies ondergebracht zouden moeten worden in een ‘onafhankelijke organisatie’ impliceert niet alleen het tegendeel van wat deze wethouder beoogt (kostenbesparing), maar getuigt wat mij betreft van gebrek aan inzicht in geschiedenis, ontwikkeling en resultaat van het huidige integrale beleid.

    Ik denk dat kunstenaar, belastingbetaler, wethouder en ambtenaar het meest gebaat zijn bij het voortzetten van een beleid en programma waarvan de balans tussen ‘investering’ en rendement zeer voordelig is. En dat in Den Haag ‘verschil heeft gemaakt’, en ver daarbuiten als voorbeeld stellend wordt gezien.

  2. Graag onderteken ik de grote waarde van Stroom voor Haagse kunstenaars en initiatieven. Ik kom net pas kijken, maar mede door middel van de expertise, kennis en steun van Stroom heb ik als jonge kunstenaar een houvast, durf en inzicht binnen het kunstcircuit. Een ‘onafhankelijke organisatie’ (lees: onwetend subsidieloket) aanstellen voor de subsidies is van de zotten, Stroom is met haar vakkennis de uitgekozen instelling om deze taak op zich te nemen.

  3. Stroom betekent heel veel voor mij als jonge kunstenaar.
    Niet alleen hebben de spot, project en pro subsidies mijn zichtbaarheid vergroot en me geholpen projecten te realiseren (altijd met co-financiering en/of eigen investering), maar vooral betekent Stroom in inhoudelijke zin veel. Ik heb via Stroom veel curatoren mogen ontvangen in mijn studio, veel goede tentoonstellingen gezien en mijn plannen voor projecten kritisch en deskundig door kunnen laten lichten.
    Het argument van de Adviescommissie Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2013-2016 dat de schijn van belangenverstrengeling kan ontstaan, omdat Stroom ook tentoonstellingen organiseert is weinig steekhoudend, en wordt niet goed onderbouwd.
    Dit is bovendien de reden dat Stroom in staat is om belangrijke kunstenaars en curatoren in contact te brengen met Haagse kunstenaars. Dit is een groot deel van het cultureel kapitaal van Den Haag.
    Het advies om een nieuw ‘loket’ voor het verstrekken van subsidies op te zetten zal meer geld kosten dan dat het nu oplevert, ik vraag me af waarom dat een goed idee is in deze tijd van bezuinigingen. Bovendien zal dit er voor zorgen dat Den Haag zijn positie als een van de belangrijkste steden voor beeldende kunst veel moeilijker kan verdedigen, simpelweg omdat de kennis en expertise die Stroom de afgelopen 23 jaar heeft opgebouwd, ontbreekt.
    De bijzondere positie die Den Haag nu heeft, hebben we voor een groot deel te danken aan Stroom Den Haag. Het is vernietiging van zowel cultureel als financieel kapitaal om die positie op deze manier op het spel te zetten.

  4. Duidelijk is, ook voor de gemeente, dat Den Haag een levendige cultuurstad is met grote hoeveelheid kunstenaars, galerieën, beroepsverenigingen en kunstenaarsinitiatieven. Dit is niet in de laatste plaats te danken aan de jarenlange inzet, expertise en support voor de beeldende kunst van Stroom Den Haag. Stroom organiseert al jarenlang een scala aan lezingen, publicaties en tentoonstellingen met Haagse maar ook internationaal geroemde kunstenaars en opinieleiders die het discour verrijken en onze geesten scherpen. Daardoor is Stroom voor Quartair juist wel een open en laagdrempelige instelling met expertise geworden waar je met vragen terecht kunt. Het goed geoliede subsidiestelsel en het atelierbeleid van Stroom heeft ondertussen als voorbeeld gediend voor diverse andere cultuurorganisaties. Stroom als Haags Centrum Beeldende Kunst overstijgt het lokale en heeft een jaloersmakende landelijke uitstraling. Stroom Den Haag is een organisatie waar de stad trots op zou moeten zijn.

  5. Vanuit de Rotterdamse situatie kan alleen maar naar Stroom gekeken worden als rolmodel. De synthese tussen presentatieruimte, ondersteuningsloket en thematisch onderzoekscentrum is juist hetgeen wat in het Rotterdamse gemist wordt. Tent. heeft weliswaar een goed lopend expositieprogramma maar de samenhang tussen een onderzoeksprogramma, de ontwikkeling van kunst in de publieke ruimte en het ondersteuningsloket ontbreekt. De onderlinge samenhang tussen kunstenaarsinbreng, stimulering, onderzoek en presentatie is juist hetgeen Stroom uniek maakt en een sjabloon voor hoe een kunstinstelling gestructureerd zou moeten worden. Het is wrang te constateren dat de energie die Stroom jarenlang gestoken heeft in het stimuleren van het Haagse kunstenveld nu resulteert in een honorering van de exponenten van dat veld maar dat de motor hieronder die waardering gaat missen. Het is onduidelijk hoe het wegnemen van een van de poten van een succesvol model tot verbetering gaat leiden. Dit advies verdient nadere beschouwing en herziening.

  6. Ik kan bovenstaande steunbetuigingen alleen maar onderschrijven. Stroom stelt zich adviserend, ondersteunend en motiverend op, biedt legio mogelijkheden, voor zowel individuele kunstenaars als kunstinstellingen om zich doorlopend te kunnen blijven ontwikkelen, en is met haar beleid o.m. aanjager van de positieve ontwikkelingen binnen de Haagse kunstwereld.
    De voorwaardenscheppende rol loskoppelen van het subsidiebeleid (door een onafhankelijk subsidieloket in het leven te roepen) lijkt erg onlogisch aangezien het één aan het ander gekoppeld is om zo effectief en doeltreffend mogelijk te zijn. Stroom is daarmee dus bij uitstek de instelling die het subsidiebeleid zou moeten uitvoeren. Hopelijk komt men op tijd tot inzicht.
    I. Sleeuwenhoek.

  7. Op het eerste oog lijkt het een helder en goed idee om het toekennen van subsidies en het produceren van
    tentoonstellingen en projecten te scheiden.

    Maar, is het wel zo’n goed idee om een onafhankelijk bureau subsidie te laten verstrekken als zij daarna niet verantwoordelijk zijn voor het etaleren en promoten van die keuze?

    Stroom staat landelijk bekend als de motor van een vernieuwend professioneel cultureel klimaat.
    Eindelijk zijn wij verlost van het stoffige imago die creatieven hadden. Den Haag staat nu bekend als stad waar je als jonge professionele kunstenaar/architect/ontwerper kansen krijgt, hier is ruimte voor ontplooiing, in een betaalbaar atelier.
    Het zou doodzonde zijn als wij dit imago weer kwijt zouden raken.

    Renate Boere

    P.s. Ik ben voorzitter van Stichting AB4, een nieuwe broedplaats in Den Haag (sinds september 2012).
    Door een goede samenwerking tussen Stroom, de gemeente Den Haag en Stichting AB4 hebben wij in hartje Schilderswijk een geweldige broedplaats kunnen verwezenlijken. De buurt is zichtbaar verbeterd en de lokale ondernemers zijn blij met onze komst.

  8. Het advies m.b.t. Stroom heeft een theoretische benadering die losstaat van de praktijk.
     
    Kernwoord is ‘belangenverstrengeling’. Daar zit een negatief luchtje aan. Dat ruikt naar vriendjespolitiek. (de enige mogelijke reactie lijkt dan ook: weg daarmee!)
     
    Maar er wordt geen enkel argument of voorbeeld uit de praktijk gegeven waar uit blijkt dat zoiets daadwerkelijk het geval is. 
     
    De praktijk – ik spreek uit eigen ervaring – laat juist zien dat een bepaalde verstrengeling een positieve invloed heeft op het Haagse kunstklimaat, incl. vormgeving en architectuur. Immers, de publieksgerichtheid aan de ene kant (lezingen, debatten, tentoonstellingen en andere activiteiten) kan niet los worden gezien van de doelgerichte acties en toekenning van subsidies om de kunstontwikkeling te bevorderen. Juist die wisselwerking is van belang. Het is een zeer efficiënte manier van werken met een uiterst effectieve uitwerking. Daarbij heeft Stroom er uiteraard voor gezorgd dat de zaken intern voldoende gescheiden zijn om belangenverstrengeling te vermijden.
     
    Stroom weet als geen ander wat er op het gebied van beeldende kunst, vormgeving en architectuur speelt en wat er nodig is om ontwikkelingen aan te wakkeren, te ondersteunen en nieuwe impulsen te geven. Wat dat betreft heeft Stroom als organisatie een autoriteit gekregen, die tot ver buiten Den Haag alom (h)erkend wordt.
     
    Door een apart loket te creëren voor het toekennen van subsidies wordt deze wisselwerking met een sterke uitwerking op het kunstklimaat kapot gemaakt, de autoriteit ondermijnt en de expertise veronachtzaamd. Eeuwig zonde.
     
    Niet doen dus!
     
    Thijs Ebbe Fokkens
    namens Locatie Z

  9. Tijdens de meivakantie, die ik elders doorbracht , werden opeens de advies meerjarenplannen voor de komende jaren van de gemeenten Den Haag en Rotterdam gepubliceerd. Wat bij een diagonale scan van de plannen en de reacties meteen opviel was dat er zoals te verwachten viel klappen vallen en dat die wat beeldende kunst in Den Haag betreft erger hadden kunnen uitwerken . Als ik me hier tot Den Haag en de beeldende kunst beperk veroorzaakt vooral de beoordeling van STROOM veel ophef.
    Thuis gekomen begon ik het advies goed te lezen en daarbij kom ik tot de conclusie dat de commissie weliswaar veel waardering heeft voor het beeldende kunstklimaat in Den Haag en de uitstraling daarvan naar buiten, maar weinig begrip heeft voor de structuur van wat hier gebeurt en misschien ook wel wat vooringenomen te werk is gegaan. Zoals het overheidsbeleid op dit moment voorschrijft zijn publieksbereik, publiekseducatie, inbedding in de omgeving, vernieuwing, verjonging, interdisciplinair werken, verwerving van eigen inkomsten en dergelijke belangrijke criteria waar op geoordeeld wordt. Maar even gemakkelijk worden die criteria in bepaalde gevallen ter zijde geschoven. Begrotingen met verwachtingen over eigen inkomsten uit sponsoring en publieksdeelneming “getuigen in het huidige tijdsgewricht niet van realiteitszin”, terwijl daar beleidsmatig wel een punt van gemaakt wordt

    Het belangrijkste element in het hele advies is de manier waarop het samenhangende beeldende kunst beleid van STROOM uiteengereten wordt. Ik schrijf al jarenlang in mijn eindejaarslijstjes dat STROOM de belangrijkste beeldende kunstinstelling in Den Haag is door het beleid waarmee ze het beeldende kunstklimaat in Den Haag stimuleren en mogelijk maken.

    Lees verder op mijn website (klik op mijn naam).

  10. Allereerst is het spijtig dat in de formulering van de commissie “doorgeefluik van subsidies” de schijn word gewekt dat het zo simpel is. Genegeerd word de meerwaarde en samenhang van curatoren programma’s, atelierbezoeken, lezingen, de bibliotheek, de tafelgesprekken, het initiatieven overleg, de ondertussen presentaties, de rol van Stroom als sparring partner, atelierbeleid, studiereizen en wat al niet meer. Het is juist dit doorwrochte en breed embedded beleid dat Stroom op het gebied van de diverse subsidies zo bijzonder en in mijn ogen succesvol maakt. Zoals Eelco al schrijft word door kunstprofessionals (dus niet alleen kunstenaars) in andere steden de rol die Stroom speelt geprezen. Dit is absoluut correct en kan zelfs sterker worden gesteld, deze waardering leeft namelijk ook ver over de grens. Het verbaast mij dan ook mateloos dat dit niet word opgepikt.
    Als mede organisator van één van de initiatieven die Den Haag (inter)nationaal op de kaart zetten kan ik uit eigen ervaring onderschrijven dat dit in belangrijke mate mede te danken is aan de inzet en expertise van Stroom, en om het nog scherper te stellen, het beleid van Stroom sinds het aantreden van Arno van Roosmalen.
    Ik vraag mij ook af wat er exact onder de gesuggereerde spanningen en belangen verstrengeling word verstaan. De meeste subsidie besluiten zijn immers commissie werk, een commissie die bestaat uit professionals van binnen en buiten de stad.
    Het verwijt dat Stroom te theoretisch zou zijn zou wat mij betreft ook positief omgebogen kunnen worden, natuurlijk hoeft dit niet de norm te zijn maar laten we juist koesteren dat er één instelling is die dat is/doet. Daarnaast is het ook deze theoretische component die Stroom verbind met het internationale contemporaine veld.
    Dit laatste aspect is denk ik ook de sleutel, aandacht in de Nederlandse pers van Haagse initiatieven is aardig en ik ben er zelf blij om maar het is tegelijkertijd absoluut onvoldoende. Hedendaagse praktijk moeten in een internationale context te plaatsen zijn, de meerwaarde en samenhang van Stoom haar subsidie beleid die ik hierboven heb genoemd doet juist dat.
    Het onderbrengen van dit beleid en de uitvoering daarvan(wie maakt trouwens dit beleid?) bij een nog op te richten organisatie getuigd van een schadelijk provincialisme. Ik zou graag zien dat de commissie de kritiek van uit het veld serieus neemt en een nieuwe ronde van raadpleging plaats laat vinden.

  11. Ik sluit me hierbij aan al die reply’s
    Stroom is heel erg van belang op lokaal en internationaal niveau. Het is 1 van de meest open en transparante instellingen die ik ken.

  12. Ook ik sluit me hierbij aan. Stroom is onmisbaar voor Den Haag en het voorstel een onafhankelijk subsidieloket op te stellen is contraproductief en zal enkel tot verzwakking van het kunstklimaat leiden!

  13. Na het lezen van het advies van de commissie waren we bij LhGWR vanzelfsprekend zeer content over de woorden die op ons van toepassing zijn. We hebben het in kleine kring gevierd en hebben het advies met betrekking tot onze plek herhaaldelijk doorgelezen om het door te laten dringen. Uiteindelijk werden we vervuld met trots door de woorden die de adviescommissie gebruikt om onze organisatie te duiden en zeker zo trots op onszelf dat we dit in zo’n korte tijd hebben bereikt.

    Enige dagen later heb ik het document waarin alle adviezen zijn verzameld verder uitgediept en moet toegeven dat ik bij het lezen van de adviezen met betrekking tot enkele collega-instellingen fronsend en soms verward achter mijn computer zat. Zoals verwacht las ik tussen de regels door de bedreiging voor vele mensen die in de Haagse culturele wereld werkzaam zijn. Ondanks dat dit al lang was aangekondigd krijg je toch een brok in je keel. Als culturele sector zullen we het de komende jaren zonder de enorme inzet moeten doen van een flinke hoeveelheid mensen die de sector in het verleden hebben ontwikkeld en vaak jarenlang hebben gedragen. Dat is op zijn zachtst gezegd een verlies van ongekend formaat.

    Als mede-oprichter van TAG doet het je ook wel iets wanneer je het vernietigende advies over TAG doorleest. De belangrijke functie die het jarenlang heeft gehad wordt in een paar alinea’s teniet gedaan. Volgens de commissie is het een organisatie die door slecht financieel beleid en een ondoordachte artistiek inhoudelijke koerswijziging plaats moet maken voor plekken met een vergelijkbaar aanbod. Het advies teruglezend lijkt de aanvraag van de nieuwe directeur niet tot een nieuw begin te leiden, maar tot een onafwendbaar einde. Hopelijk zijn dit niet de laatste woorden die hierover worden gesproken en heeft zij de kracht en overtuiging om TAG op de kaart te houden.

    In stilte las ik zo ook het advies over de zorgvuldig geformuleerde ontmanteling van de Vrije Academie, die de afgelopen paar jaar onder het beleid van een nieuwe directeur een wedergeboorte heeft mogen meemaken. Net als bij TAG is er veel geïnvesteerd in de locatie en lijkt er binnen afzienbare tijd een nieuwe huurder zijn intrek te moeten nemen in het pand. Hier lijkt het advies van de commissie tot ondoordachte kapitaalvernietiging te leiden waarover men zich op beleidsniveau bij de gemeente toch minstens achter de oren zal moeten krabben.

    Het is ook treurig om te lezen dat Satellietgroep zich niet mag scharen onder het selecte gezelschap van first-timers en je gedachte struikelt wanneer je leest hoe de opmars van Heden wordt terug gezet naar de jaren tachtig. Maar, het meest opmerkelijk blijft de passage over Stroom Den Haag; Het lijkt alsof het advies niet is afgeschreven, het komt op geen enkele manier niet tot een slotconclusie. De adviescommissie zet haar grote waardering voor Stroom af tegen mogelijke belangenverstrengeling, te hoge huurlasten en een te theoretisch artistiek beleid. Het ontneemt Stroom daarom de functie van subsidieloket, wil minder bijdragen aan de lasten en straft het artistiek beleid af met een lager budget.
    Het is niet moeilijk om de oorzakelijke verbanden tussen de bevonden minpunten en de ‘sancties’ te herleiden. Het is echter zo impliciet causaal (lees; kort door de bocht) dat het je moeite kost om hierin geen moeizaam verwoordde poging te lezen waarin Stroom wordt verzocht haar kamp binnen niet al te lange tijd op te doeken.

    Je maag draait om bij de gedachte dat een korting op het tentoonstellingsbudget een tentoonstelling minder theoretisch zou maken. En, je moet al helemaal niet denken aan het feit dat uit monde van de gemeente de te hoge huurlasten worden aangekaart als probleem terwijl het zelf verhuurder is van het pand. Dat riekt naar een belangenverstrengeling van de buitencategorie! Als we het daar dan toch over hebben; Met het weghalen van het subsidieloket wordt een lichte pijn in de rug niet verholpen met fysiotherapie, maar met het verwijderen van de ruggengraat.

    Misschien is het goed als Gemeente Den Haag en Stroom Den Haag nog eens van gedachten wisselen over de manier waarop dit kan worden verholpen.

  14. De Haagse Rondgang, tegenwoordig HOOGTIJ had nooit van de grond kunnen komen zonder de steun van Stroom. Het advies om het verdelen van de subsidies voor Haagse kunstenaars, initiatieven en instellingen weg te halen bij Stroom is onzalig, daarmee wordt meer dan 20 jaar expertise weggegooid. Stroom is indertijd door de Gemeente Den Haag juist in het leven geroepen om zorg te dragen voor een verantwoorde verdeling van de subsidies. Als deze taak elders wordt ondergebracht moet het wiel opnieuw worden uitgevonden en zal dat daarnaast onnodige extra overhead kosten met zich meebrengen, nog afgezien van de stuurloosheid en de aanloopproblemen die dat zal opleveren, iets wat we in deze tijden van crisis al helemaal niet kunnen gebruiken.
    Maurits van de Laar, voorzitter Stichting Haagse Rondgang

  15. Lang leve Stroom Den Haag en niet alleen omdat wij door in verhouding kleine subsidie bijdrage toch een grote bijdrage willen leveren aan het Haagse culturele aanbod. 
    Namens Baracca

  16. Stroom Den Haag vervult zijn taak als voorwaardenscheppende organisatie voor beeldende kunstenaars middels een uitgebreid en goed opgezet programma al jaren met succes. Het weghalen van het subsidiebudget bij Stroom en onderbrengen bij een (nieuw op te richten?) onafhankelijke organisatie die deze taak zal overnemen zoals de commissie voorstelt is dan ook van de zotte. Zoiets gaat naar mijn inziens juist extra geld, tijd en moeite kosten en is kapitaalvernietiging op meerdere niveaus.
    Stroom moet ook in de toekomst in de gelegenheid worden gesteld om de huidige voorwaardenscheppende rol in volledigheid te kunnen blijven vervullen!

  17. Het college vindt het niet wenselijk om Stroom op te delen:

    “De Commissie adviseert het subsidieloket elders te beleggen. Dit loket is één van de onderling samenhangende functies binnen het voorwaardenscheppende beleid van Stroom. Hiertoe behoren bijvoorbeeld het kunstenaarsdocumentatiebestand en atelierbeleid en – bemiddeling.

    Juist doordat Stroom zelf ook projecten en tentoonstellingen programmeert, heeft zij goed inzicht in de ontwikkelingen en behoeften bij kunstenaars en verwierf zij een positie binnen de beeldende kunst met een (internationaal) netwerk dat vervolgens weer wordt ingezet voor Haagse kunstenaars. Dit gebeurt bijvoorbeeld door de georganiseerde atelierbezoeken van buitenlandse curatoren aan Haagse kunstenaars.

    Het integrale beleid van Stroom heeft zo een belangrijke bijdrage geleverd aan het huidige goede beeldende kunstklimaat in Den Haag, zoals wordt bevestigd door de succesvolle kleine beeldende kunstinitiatieven in de stad.

    Er zijn geen tekenen dat Stroom in de praktijk niet goed om weet te gaan met de combinatie van voorwaardenscheppende en producerende taken. Het college vindt het dan ook onwenselijk om één element uit dit succesvol gebleken en door de kleine beeldende kunst initiatieven geprezen samenhangende beleid elders te beleggen, met alle verlies aan synergie, kennis en ervaring van dien.

    Het door de Commissie in het advies afgesplitste bedrag van € 660.000 voor het voorwaardenscheppende beleid laten wij daarom bij Stroom.”

REAGEER